Duurzaam landgebruik

Duurzaam landgebruik

Definitie: Verandering in de mate van duurzaam beheer van het areaal buitengebied (incl. behoud bodemvruchtbaarheid).

Huidige staat

2

De huidige staat ten aanzien van duurzaam beheer van het areaal buitengebied wordt over het algemeen als matig gezien. Schaalvergroting heeft het areaal van landbouw niet vergroot maar wel de intensiteit van het beheer; er bestaat spanning tussen de economische bedrijfsvoering in de landbouw en de milieudruk.

Referentiesituatie

2

Er wordt richting 2030 ingezet op een toekomstbestendige ontwikkeling van landelijk gebied, maar deze staat op gespannen voet met de ruimte die nodig is voor bijvoorbeeld verstedelijking, duurzame energie, infrastructuur en natuur. Bovendien worstelt de agrarische sector met de transitie naar een meer duurzame bedrijfsvoering, mede door de druk op het verdienvermogen van de sector. Uitzonderingen daargelaten, is de verwachting dat richting 2030 nog geen sprake is van een positieve trend; de staat ten aanzien van duurzaam landgebruik blijft matig presteren in de referentiesituatie.

Definitie

Er wordt bij deze indicator gekeken naar de verandering in de mate van duurzaam beheer van het areaal buitengebied. Hierbij wordt tevens gekeken naar de bodem bodemvruchtbaarheid.

Ambitie

De ambitie in de Visie Landbouw, natuur en voedsel is om een duurzaam beheer en vitaal landbouw- en voedselsysteem te creëren, dat gebaseerd is op kringlopen en natuurinclusiviteit (Rijksoverheid, 2018f). De focus ligt op de landbouwsector.

Huidige staat

De landbouw is met bijna 60% van het landoppervlak de belangrijkste en grootste grondgebruiker in Nederland. Het totale aantal land- en tuinbouwbedrijven is in de laatste tientallen jaren sterk afgenomen, terwijl het areaal aan beschikbare landbouwgrond gelijk is gebleven, of slechts beperkt is afgenomen. Schaalvergroting en intensivering van de landbouw zullen zich naar verwachting voortzetten: in de lange termijn scenario’s van de planbureaus blijft de productiviteit van de landbouw stijgen. Ook de klimaatverandering draagt hieraan bij (zie Emissie en vastlegging broeikasgassen en Hitte en droogte). Daarnaast heeft de landbouwsector te maken met een spanning. Aan de ene kant wordt de sector gestimuleerd om de economische efficiëntie te vergroten, aan de andere kant wordt de sector beperkt door normen van hinder en milieu. Hierdoor wordt de speelruimte voor de landbouw steeds kleiner. Hierbij komt bij dat ontwikkelingen in de landbouw onvoldoende zijn aangesloten op het landgebruik of de natuurlijke systemen. Dit heeft zijn weerslag in de kwaliteit van landbouwgrond, die is sterk afgenomen.

In intermediaire gebieden is er door de aanvoer van rivieren over het algemeen voldoende water beschikbaar. De ondergrond leent zich hier beter voor intensieve vormen van landgebruik, zoals hoogproductieve landbouw. In deze gebieden is een hoge bodemvruchtbaarheid. Bodemerosie in de grote rivieren zorgt hier wel voor uitdagingen. Laaggelegen gebieden langs kuststroken zullen door zeespiegelstijging in toenemende mate met verzilting te maken krijgen. Op sommige plekken zullen boeren met gewassen gaan werken die beter tegen het zoute water kunnen. Er is een verschuiving zichtbaar van gangbare landbouw naar landbouw die produceert op een wijze die verder gaat dan wettelijke eisen op het gebied van dierenwelzijn, bodemecologie en gebruik van kunstmest, bestrijdingsmiddelen en antibiotica (RHDHV, 2016). Dit komt doordat de consument in de loop van de tijd meer eisen is gaan stellen aan zijn voedsel. Een belangrijke onzekerheid is de vraag of de consument in de toekomst vaker bereid zal zijn te betalen voor haar eisen en andere productiewijzen. Als dat het geval is, leidt dit tot een wat groter aandeel extensieve en duurzame landbouw. Dit kan lokaal positief uitwerken voor de natuurwaarde en de waterkwaliteit.

Het onvoldoende herstel van natuur en biodiversiteit, de gestage erosie van ons landschap, de noodzakelijke transitie van de landbouw en regionale bodemdaling leggen druk op het landelijk gebied. Een positieve invloed hierop is dat niet in gebruik zijnde landbouwgebieden getransformeerd worden tot natuur (Ministerie IenW, 2018).

Referentiesituatie

De inzet op natuurinclusieve landbouw en kringlooplandbouw betekent op het schaalniveau van het boerenbedrijf dat de grondgebondenheid weer versterkt wordt. De inzet is dat kringlopen van grondstoffen en hulpbronnen in 2030 op een zo laag mogelijk schaalniveau zijn gesloten. Randvoorwaardelijk is een rendabele bedrijfsvoering voor de agrariërs. Lokale gebiedsprocessen zijn daarvoor het fundament, waarbij samen met partijen uit het gebied wordt gewerkt aan een (gemeenschappelijke) aanpak. Tegelijk is het een systeemverandering, waar nadrukkelijk niet alleen boeren onderdeel van zijn. Dit vraagt aanpassingen in de gehele keten, ook met doorwerking voor consumenten en retail, aanpassingen in wet- en regelgeving en prikkels op systeemniveau om de transitie op gang te brengen. Bij gelijkblijvende productie vraagt deze aanpak meer ruimte.

Voor een toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied wordt landgebruik in balans gebracht met natuurlijke systemen, gaan ontwikkelingen in het landelijk gebied niet koste van de landschappelijke kwaliteiten en kan een vitale landbouw, met gezonde ondernemingen in een gezonde omgeving, plaatsvinden. Veel nationale belangen spelen in het landelijk gebied, waaronder de ontwikkeling van een duurzame landbouw, het verbeteren van de biodiversiteit, het versterken van het landschap en het zorgdragen voor voldoende zoetwatervoorziening. Het onderling goed wegen van deze belangen is al een grote uitdaging, maar ook nieuwe ontwikkelingen en ruimteclaims in het landelijk gebied vragen om keuzen. B.v. de verstedelijkingsdruk, ontwikkelruimte voor de circulaire en bio-economie, de opwekking, winning en opslag van energie en ruimte voor militaire activiteiten (Ministerie IenW, 2018).

Richting de toekomst zijn er zowel positieve als negatieve ontwikkelingen. Dat nieuwe partijen zich bezig gaan houden met verduurzaming van landgebruik biedt kansen. Ook de waterschappen zijn hier doende mee. Dit leidt tot kansen. Agrarisch landgebruik wordt zoveel mogelijk afgestemd op de geschiktheid van het gebied. Tegelijkertijd blijft de spanning op de sector groot; de omslag naar kringlooplandbouw is urgent om milieu en natuurdoelen te realiseren. Er zijn lokaal al veranderingen ingezet, bijvoorbeeld door waterschappen en programma’s zoals bewust bodemgebruik.

Het landbouwareaal zal licht afnemen door uitbreiding van de gebouwde omgeving en meer ruimte voor natuur. Ontwikkelingen in de markt en de rol en keuzes van de consumenten zullen invloed hebben op het tempo waarin veranderingen in de landbouw optreden, dan wel de gangbare landbouw dominant blijft (RHDHV, 2016).