Milieueffectrapportage voor de NOVI

De Nationale Omgevingsvisie

Nederland staat voor nieuwe, grote uitdagingen die van invloed zijn op de omgeving waarin we leven; de staat van de fysieke leefomgeving is onderhevig aan trends en ontwikkelingen. Uitdagingen liggen er niet alleen op de lange termijn, maar ook al in de komende jaren. De Nationale Omgevingsvisie (NOVI) staat voor een nieuwe werkwijze om dergelijke vraagstukken gezamenlijk op te pakken. De NOVI schetst de hoofdlijnen van de gewenste kwaliteit van de leefomgeving, de voorgenomen ontwikkeling en het te voeren integrale beleid. Die integrale benadering komt tot stand door gezamenlijk richting te bepalen. De NOVI brengt relevante ontwikkelingen in de staat van de leefomgeving in kaart en beziet deze in hun samenhang. Zo krijgen we een beeld van hoe we willen dat de fysieke leefomgeving in Nederland zich de komende decennia ontwikkelt. En kunnen we beter sturen en keuzes maken. De NOVI is bindend voor het Rijk, provincies en gemeenten en bevat beleids- en afwegingkaders voor (decentrale) plannen die invloed hebben op de kwaliteit van de leefomgeving. De NOVI is het centrale afwegingskader en zet het beleid voor de komende jaren in het teken van een integrale benadering van de fysieke leefomgeving.

Milieueffectrapportage voor de NOVI

Ter ondersteuning van de visievorming en de besluitvorming over de NOVI, wordt de procedure van de milieueffectrapportage (plan-m.e.r.) doorlopen. Deze procedure zorgt ervoor dat het milieubelang volwaardig wordt meegewogen in de planvoorbereiding. In het PlanMER - de rapportage waarin de resultaten van de plan-m.e.r.-procedure worden vastgelegd - worden de gevolgen van het beleid voor het milieu inzichtelijk gemaakt. Dit draagt bij aan een weloverwogen besluit over de ontwerp-NOVI.

Voor de beleidskeuzes uit de NOVI wordt ingeschat of deze - ten opzichte van de zogenaamde referentiesituatie - kunnen leiden tot effecten danwel kansen en risico’s. Aansluited op het strategische karakter en abstractieniveau van de ontwerp-NOVI, betreft de effectbeoordeling een kwalitatieve beschouwing. In principe worden deze in beeld gebracht voor 2030. Waar relevant en mogelijk wordt in de beschrijving een doorkijk gegeven richting 2050. Het zogenaamde ‘Rad van de Leefomgeving’ vormt de basis voor de beoordeling.

Het Rad van de Leefomgeving

Het ‘Rad van de Leefomgeving’ biedt het kader voor de beschrijving van de staat van de leefomgeving (inclusief de zogenaamde referentiesituatie) en voor de effectbeschrijving. Hiermee geeft het ‘Rad’ de reikwijdte van het milieueffectonderzoek weer; naar welke aspecten en indicatoren wordt gekeken.

In de volgende figuur is het Rad van de Leefomgeving afgebeeld. Een toelichting en nadere uitwerking van de indicatoren is opgenomen in paragraaf 1.3 van het PlanMER.

Figuur 1.1 | Het Rad van de Leefomgeving.