Knelpunten

Het einddoel van de Vogel- en Habitatrichtlijn is om alle soorten en habitattypen onder de Vogel- en Habitatrichtlijn (VHR) in een gunstige (HR) / veilige (VR) staat te brengen. Dit doel is nog niet in zicht blijkt uit figuur 4.1. Daarnaast is de doelstelling van de korte termijn, dat soorten en habitattypen niet mogen verslechteren. Uit figuur 4.2 en figuur 4.3 is op te maken dat aan deze doelstelling eveneens niet wordt voldaan.

In figuur 4.15 is weergegeven dat in 2015 voor 55 procent van de soorten (Vogel- en habitatrichtlijnsoorten en typische soorten van habitattypen) de condities geschikt zijn voor een duurzaam voortbestaan in Nederland. Dat er 55 procent en geen 100 procent doelbereik wordt ingeschat, komt doordat de condities voor veel soorten nog onvoldoende zijn, met name als gevolg van tekort aan leefgebied en ongeschiktheid van het leefgebied door versnippering, verdroging en vermesting.

Hieronder is per Natura 2000-landschap op hoofdlijnen beschreven wat de belangrijkste knelpunten zijn voor het behalen van de instandhoudingsdoelen. Dit is voornamelijk gebaseerd op het Natura 2000-doelendocument (Ministerie van LNV, 2006), aangevuld met gegevens van het Ministerie over de knelpunten binnen de Natura 2000-gebieden (situatie 2011). Alhoewel het doelendocument van oudere datum is, zijn de beschreven knelpunten op hoofdlijnen nog steeds actueel. In onderstaande figuren is de staat van instandhouding per Natura 2000-landschap weergegeven.

Figuur 4.5 | Staat van instandhouding habitattypen (links) en habitatrichtlijnsoorten (rechts) per Natura 2000-landschap

Figuur 4.6 | Staat van instandhouding broedvogels (links) en niet-broedvogels (rechts) per Natura 2000-landschap