Beleidskeuze 2.2: Duurzame energiebronnen en verandering productieprocessen

Ingezet wordt op het gebruik van duurzame energiebronnen en op verandering van productieprocessen. Ruimte voor haven- en industriegebieden blijft behouden.

Bepalende elementen die de ontwerp-NOVI bij deze beleidskeuze benoemd zijn:

  • Smart industry: Nieuwe ontwikkelingen zoals robotisering, digitalisering en schone productieprocessen vragen om aandacht voor aanwezige natuurwaarden, economische belangen, behoud en versterking van de landschappelijke kwaliteit, woonkwaliteit en voor (omgevingsveiligheid en milieunormen).

  • Energie-intensieve industrie: Voor alle energie-intensieve industrieën, waaronder ook datacenters, moeten duurzame energiebronnen worden aangewend. Gelet op de verwachte lange transitieperiode zullen verschillende energiesystemen mogelijk tientallen jaren naast elkaar bestaan, wat mogelijk extra ruimte vergt. De haven- en industriegebieden aan de kust, zoals de Eemshaven, het Noordzeekanaalgebied, de Rijnmond en Terneuzen, zijn belangrijke aanlandingspunten voor duurzame energie die op zee is opgewekt. In deze gebieden wordt actief ruimte geboden aan (nieuwe) energie-intensieve industrie.

  • Havengebieden: Voor de havens van Rotterdam en Amsterdam geldt dat de energietransitie een nauwe relatie heeft met een bredere verstedelijkingsopgave. De groei van productie en overslag in de haven, en de intensivering van het grondgebruik in de haven, kunnen botsen met de ontwikkelings- en bouwplannen in de omgeving. Het functioneren van havens mag niet in het gedrang komen. Eventueel ruimteverlies voor havenfuncties als gevolg van stedelijke transformaties moet - zo nodig - worden gecompenseerd

  • Benutten reststoffen en restwarmte: Voor de bouwsector ligt de uitdaging om nieuwe bouwwerken en woningen niet alleen klimaat- en energieneutraal, maar ook met zoveel mogelijk herbruikbare materialen en natuur-inclusief te bouwen. Door gebouwen, waaronder woningen en kantoren, zoveel mogelijk aanpasbaar en flexibel te bouwen, zijn deze voor meer generaties aantrekkelijk en zijn ze ook in de toekomst voor andere dan woonfuncties geschikt.

  • Transitie land- en tuinbouw: Nederland telt zeven greenports waarbinnen tuinbouwbedrijven intensief samenwerken om gebiedsopgaven integraal te benaderen. Daarbij gaat het om noodzakelijke gebiedsontwikkeling om de transitie naar klimaat neutrale en circulaire tuinbouw te realiseren. Hier wordt in prioriteit 4 nader aandacht aan besteed.