Beleidskeuze 1.4: Realiseren opgave duurzame energie op land

We realiseren de opgave van duurzame energie met oog voor de kwaliteit van de omgeving en combineren deze zo veel mogelijk met andere functies. Voor de inpassing op land van de opgave voor duurzame energie worden regionale energiestrategieën opgesteld.

Richtingen die in de ontwerp-NOVI meegeeft aan de Regionale Energiestrategieën (RES) zijn:

  • Voorkeur voor grootschalige clustering: Grootschalige clustering van de productie van duurzame energie (b.v. door windturbines, zonneweides of een combinatie van beide) vermindert de ruimtelijke afwenteling en leidt tot lagere kosten. Waar mogelijk heeft dit de voorkeur. Hier ligt echter wel een expliciete afweging tegenover andere waarden, zoals landschappelijke kenmerken, natuur, cultureel erfgoed, water en bodem en maatschappelijk en bestuurlijk draagvlak.

  • Voorkeursvolgorde voor zon-PV:  Om te stimuleren dat locaties voor zon-PV zorgvuldig worden uitgekozen, heeft het Rijk in samenwerking met medeoverheden en andere stakeholders een (niet te juridiseren) voorkeursvolgorde uitgewerkt. Voor het toepassen van zon-PV hebben daken en gevels van gebouwen de voorkeur. Daarna volgen onbenutte terreinen in bebouwd gebied. Vervolgens kan blijken dat ook locaties in het landelijk gebied nodig zijn. In het landelijk gebied ligt de voorkeur bij gronden met een andere primaire functie dan landbouw of natuur, zoals defensieterreinen, waterzuiveringsinstallaties, vuilnisbelten, binnenwateren, bermen van spoor- en autowegen.

  • Energiebesparing: De warmtetransitie in de gebouwde omgeving vraagt om een strategie op regionale en lokale schaal. In deze strategie is energiebesparing een belangrijke eerste stap. Voor de resterende warmtevraag moeten alternatieven voor verwarmen met aardgas gerealiseerd worden, zoals restwarmte, geothermie, aquathermie, duurzame gassen en all-electric oplossingen. Bij de keuze voor geothermie dient lokaal rekening te worden gehouden met Aanvullende Strategische Voorraden (ASV’s).

  • Warmtenetten: Waar gekozen wordt voor warmtenetten, moet de ruimtelijke planning van warmtenetten zorgvuldig worden afgewogen en gecombineerd met andere functies in de ondiepe ondergrond. Gemeenten voeren de regie over de planning, aanleg en uitfasering van netwerken van kabels en leidingen.

  • Restwarmte: Door het gebruik van restwarmte via warmtenetten wordt elders ruimte bespaard voor de productie van duurzame elektriciteit, die anders voor deze verwarming nodig zou zijn. Dat voordeel van warmtenetten sluit aan op het inrichtingsprincipe ‘voorkomen van afwenteling’. Om die reden moeten warmtenetten goed worden verkend en expliciet afgewogen tegen andere opties.