Effecten voor buurlanden

Grensoverschrijdende effecten treden met name op als gevolg van ontwikkelingen waarbij een toe- of afname van vervuilende stoffen in de lucht (CO2, NOx, PMx, ed.) verwacht kan worden of bij ruimtelijke ingrepen in het grensgebied (b.v. windturbines). Indien in vervolgbesluiten concreter bekend is op welke wijze invulling wordt gegeven aan het beleid, dient extra aandacht besteed te worden aan eventuele grensoverschrijdende effecten.

Hierna zijn de beleidskeuzes benoemd die consequenties (kansen en risico's) kunnen hebben op het grondgebied van Vlaanderen, Duitsland of het Verenigd Koninkrijk.

Grensoverschrijdende effecten van beleidskeuzes over klimaatadaptatie en energietransitie

Beleidskeuze 1.1: Nederland is in 2050 klimaatbestendig en waterrobuust

  • Overstromingen - kans: Een klimaatbestendige inrichting van Nederland, waarbij rekening wordt gehouden met een duurzaam functionerend riviersysteem, kan bovenstrooms van Nederland positief doorwerken met betrekking tot waterveiligheid (verlaging waterstanden rivieren bij piekafvoeren).

Beleidskeuze 1.2: De Noordzee biedt kansen voor inpassing duurzame energie

  • Emissie van broeikasgassen - kans: de inzet op duurzame energie op zee kan bijdrage aan een afname van CO2-concentraties en daarmee aan de mondiale aanpak van klimaatverandering.

  • Biodiversiteit en ruimtelijke samenhang natuurgebieden - risico: Wanneer windturbines op locaties worden geplaatst waar belangrijke vliegroutes van vogels liggen, is er een risico op significante effecten (externe werking). Windturbines op zee liggen vaak op internationaal belangrijke trekroutes voor vogels.

  • Waardevolle landschappen - risico: Windturbines zijn van grote afstand zichtbaar. Indien windturbines in zee aan de rand van Nederland geplaatst worden is er een risico voor verstoring van landschappelijke waarden in het buitenland (afname openheid, e.d.).

  • Stilte en duisternis - risico: Windturbines zijn van grote afstand zichtbaar en zijn verlicht. Indien windturbines aan de randen van Nederland geplaatst worden is er een risico op afname van donkere gebieden.

Beleidskeuze 1.4: Realiseren opgave duurzame energie op land

  • Emissie van broeikasgassen - kans: de inzet op duurzame energie (windturbines, CO2 opslag ed.) op land kan bijdragen aan afname van CO2 concentraties en daarmee aan de mondiale aanpak van klimaatverandering.

  • Biodiversiteit en ruimtelijke samenhang natuurgebieden - risico: Wanneer windturbines op locaties worden geplaatst waar belangrijke vliegroutes van vogels liggen, is er een risico op significante effecten (externe werking).

  • Waardevolle landschappen - risico: Windturbines zijn van grote afstand zichtbaar. Indien windturbines aan de rand van Nederland geplaatst worden is er een risico voor verstoring van landschappelijke waarden in het buitenland (afname open landschappen, ed.).

  • Stilte en duisternis - risico: Windturbines zijn van grote afstand zichtbaar en zijn verlicht. Indien windturbines aan de randen van Nederland geplaatst worden is er een risico op afname van donkere gebieden.

Grensoverschrijdende effecten van beleidskeuzes over duurzaam economisch groeipotentieel

Beleidskeuze 2.1: Duurzame en circulaire economie

  • Emissie en vastlegging van broeikasgassen – kans: de inzet van een duurzame en circulaire economie kan bijdragen aan afname van CO2 concentraties en daarmee aan de mondiale aanpak van klimaatverandering.

  • Milieugezondheidsrisico – risico: een duurzame, circulaire economie brengen risico’s met zich mee voor de milieugezondheid (afname luchtkwaliteit, geluidshinder, veiligheidsrisico’s). Effecten kunnen tot in het buitenland reiken.

Beleidskeuze 2.2: Duurzame energiebronnen en verandering productieprocessen

  • Emissie van broeikasgassen – kans: de inzet van een duurzame energiebronnen kan bijdragen aan afname van CO2 concentraties en daarmee aan de mondiale aanpak van klimaatverandering.

  • Milieugezondheidsrisico – risico: ruimte voor duurzame energie in zeehavens en industrie brengen risico’s met zich mee voor de milieugezondheid (afname luchtkwaliteit). Effecten kunnen tot in het buitenland reiken.

  • Biodiversiteit - risico: Wanneer de milieudruk in de grensstreek toeneemt door bijvoorbeeld energie intensieve industrieën en verkeer kan dit risico’s met zich meebrengen voor natuurgebieden en biodiversiteit in de buurlanden, zoals voor de Natura 2000-gebieden.

Beleidskeuze 2.3: Optimale (inter)nationale bereikbaarheid

  • Bereikbaarheid - kans: Door de inzet op een optimale internationale bereikbaarheid neemt de kans op aantal banen dat binnen een uur reistijd bereikt kan worden toe. Dit geldt ook voor het buitenland.

  • Milieugezondheidrisico -risico: Het verbeteren van de bereikbaarheid brengt risico’s met zich meer voor milieugezondheid (afname luchtkwaliteit en toename geluidshinder door meer verkeersbewegingen).

Beleidskeuze 2.5: Bevorderen grensoverschrijdende verbindingen

  • Milieugezondheidsrisico - kans en risico: Het stimuleren van vervoer over spoor is negatief voor de milieugezondheid. Spoorvervoer produceert namelijk veel geluidhinder (ook in het buitenland). Mogelijke afname van vliegverkeer kan aan de andere kant weer bijdragen aan een afname van CO2 concentraties in de lucht in het buitenland.

  • Emissie en vastlegging van broeikasgassen - kans en risico: het bevorderen van grensoverschrijdende verbindingen kan door afname vliegverkeer bijdragen aan een afname van CO2 concentraties en daarmee aan de mondiale aanpak van klimaatverandering. Aan de andere kant zijn er ook risico’s op toename van CO2 concentraties (meer transport over weg, spoor, ed.).

  • Werkgelegenheid, woningbouwlocaties en voorzieningen – kans: De inzet van het Rijk om grensoverschrijdende verbindingen te verbeteren biedt kansen voor Vlaanderen, Noordrijn-Westfalen en Nedersaksen. Ondanks cultuurverschillen blijken er diverse zorg-, woon-, werk- en onderwijsrelaties te zijn.

  • Bereikbaarheid - kans: Door de inzet op het bevorderen van grensoverschrijdende verbindingen neemt de kans op aantal banen dat binnen een uur reistijd bereikt kan worden toe. Dit geldt ook voor het buitenland.

Beleidskeuze 2.6: Ruimte voor datacenters

  • Emissie en vastlegging van broeikasgassen – kans: de plaatsing van datacenters daar waar levering van restwarmte aan warmtenetten mogelijk is en duurzame energie beschikbaar is biedt kans op efficiënt duurzaam energiegebruik (en daarmee minder uitstoot van broeikasgassen).

  • Milieugezondheidsrisico –risico: ruimte voor datacentra brengen risico’s met zich mee voor de milieugezondheid (afname luchtkwaliteit). Effecten kunnen tot in het buitenland reiken.

Grensoverschrijdende effecten van beleidskeuzes over sterke en gezonde steden en regio’s

Beleidskeuze 3.6: Bereikbaarheid stad en regio

  • Milieugezondheidsrisico – kans: de inzet op ander mobiliteitsgedrag en een beter stedelijk OV systeem draagt bij aan afname luchtverontreinigingen en geluidshinder. Dit effect kan positief doorwerken naar het buitenland.

  • Emissie en vastlegging van broeikasgassen - kans: de inzet op ander mobiliteitsgedrag en een beter stedelijk OV systeem draagt bij aan afname van emissie van broeikasgassen. Dit effect kan positief doorwerken naar het buitenland.

Beleidskeuze 3.7: In gebieden met bevolkingsdaling versterken vitaliteit en leefbaarheid

  • Werkgelegenheid – kans: Het ontwikkelen en versterken van de regionaal economische toekomstpersectieven in gebieden met bevolkingsdaling biedt kansen voor werkgelegenheid in het buitenland.Grensoverschrijdende samenwerking en verbindingen met de buurlanden kunnen de sociaal economische situatie tevens in het buitenland verbeteren.

Grensoverschrijdende effecten van beleidskeuzes over de ontwikkeling van het landelijk gebied

Beleidskeuze 4.1: Verbeteren balans tussen landgebruik en omgevingskwaliteiten

  • Emissie en vastlegggingvan broeikasgassen - kans: Emissie van broeikasgassen kunnen dalen door het tegengaan van bodemdaling (met oxidatie) in veenweidegebieden. Dit draagt bij aan de mondiale aanpak van klimaatverandering.

Beleidskeuze 4.3: Duurzaam en vitaal landbouw- en voedselsysteem

  • Milieugezondheidsrisico – kans en risico: Er zijn kansen voor het gezondheidsrisico als gevolg van de transformatie naar kringlooplandbouw. Reststromen worden zoveel mogelijk benut als grondstoffen voor landbouwproductie. Hierbij komt zo min mogelijk afval vrij en is de uitstoot van schadelijke stoffen zo klein mogelijk. Kringlooplandbouw kan aan de andere kant echter ook infecties veroorzaken voor de mens. Dit geneert ook kansen en risico’s in het buitenland.

  • Emissie en vastlegging van broeikasgassen – kans en risico: Emissie van broeikasgassen kunnen dalen door lagere milieubelasting van de landbouw en de transformatie naar kringlooplandbouw. Tegelijkertijd kan het investeren in de bodemkwaliteit - door het toevoegen van organische stof aan de bodem - leiden tot een hogere CO2-uitstoot; door het toevoegen van organische stof wordt meer CO2 opgeslagen in de bodem die ook weer wordt afgebroken met CO2 uitstoot als gevolg.